NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Geen verwijdering strafrechtelijke persoonsgegevens ING noodzakelijk

Geen verwijdering strafrechtelijke persoonsgegevens ING noodzakelijk

De ING heeft persoonsgegevens van strafrechtelijke aard in het Incidentenregister en Extern Verwijzingsregister (‘EVR’) opgenomen. Financiële instellingen houden met regelmaat registers bij waarin gegevens van klanten of derden opgenomen worden die een mogelijk risico kunnen opleveren voor het verstrekken van financiële diensten. Het EVR is een extern register, waardoor alle deelnemers worden geïnformeerd wanneer gegevens in dit register worden opgenomen.

De deelnemers krijgen vervolgens via een incidentenwaarschuwingssysteem een melding binnen, waarmee zij de identiteit van de betrokkene gemakkelijk kunnen achterhalen en daar zo nodig gevolgen aan kunnen verbinden. De gevolgen kunnen voor de betrokkene ingrijpend zijn; zo kunnen financiële dienstverleners op basis van de informatie beslissen om geen hypotheek of verzekering meer te verstrekken of slechts bepaalde diensten te verlenen aan de desbetreffende persoon.

Gezien de ingrijpende gevolgen dienen alle dienstverleners, zo ook ING, zorgvuldig te werk te gaan bij de opname van strafrechtelijke gegevens in registers. De verwerking van deze gegevens kan immers een inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene. Maar, wat zijn strafrechtelijke persoonsgegevens nu eigenlijk? Volgens de Wet bescherming persoonsgegevens omvat het begrip ‘strafrechtelijke gegevens’ alle gegevens over veroordelingen en gegronde verdenkingen. Bij veroordelingen gaat het om een vastgesteld strafrechtelijk gegeven door de rechter, terwijl verdenkingen een concrete aanwijzing betreffen.

In de uitspraak beoordeelt het hof aan de hand van concrete feiten en omstandigheden of de gegevens gebaseerd zijn op een redelijk vermoeden van schuld of op een strafbaar feit. De strafrechtelijke gegevens dienen derhalve voldoende vast te staan. Het hof maakt aannemelijk dat de verdenking, namelijk het feitelijk leiding geven aan het opzettelijk onttrekken van goederen aan een pandrecht door Plant Hosting, zwaarder is dan een redelijk vermoeden van schuld. Het hof oordeelt dan ook dat de verdenking van het strafbare feit de bewezenverklaring zou kunnen dragen. De opgenomen gegevens staan in andere woorden volgens het hof voldoende vast.

Ook vindt een belangenafweging plaats, die de verwerking zou moeten rechtvaardigen. Het hof oordeelt dat de fundamentele vrijheden en rechten en plichten van de betrokkene bij de verwerking niet worden geschonden. De gegevens zijn van dusdanig ernstige aard dat de verwerking noodzakelijk is in het belang van de ING bij het handhaven van de integriteit van het financiële stelsel en het voorkomen en bestrijden van fraude. Dit belang weegt zwaarder dan het belang van de betrokkene, inhoudende de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

De opname door ING van strafrechtelijke gegevens in het Incidentenregister en Extern Verwijzingsregister is dus geoorloofd. Gezien het doel van de registers en de ernst van het incident lijkt mij dit een redelijke uitkomst.

Auteur: Cindy Steentjes



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

REACTIES (3)

Rob woensdag 23 augustus 2017 12:28

Vragen;
1] is het verplicht om de reden van een eventuele weigering aan de aanvrager pro-actief mee te delen
2] kan een vermelding door de 'benadeelde' kosteloos en eenvoudig opgevraagd worden ?
3] kan een benadeelde kosteloos en eenvoudig een vermelding bij een toezichthouder aan de kaak stellen ?
4] waarop baseert het hof dat 'de verdenking van het strafbare feit' al voldoende is...je bent in dit land toch nog steedsonschuldig tot het tegendeel voldoende aantoonbaar bewezen is ? of leef ik in een ander Nederland tegenwoordig ?

Kortom vragen zat voor een leek om de wenkbrauwen te fronsen bij de eind conclusie van Cindy Steentjes

Remy woensdag 23 augustus 2017 15:17

Rob, als je de uitspraak van het Hof leest, zul je zien dat er al heel wat onderzoek is gedaan voordat de persoonsgegevens van de betreffende persoon in de registers werd opgenomen, waaronder een interview door de Rechter-Commissaris en onderzoek door het OM naar de bestuurders van Plant Holding. Er gaat behoorlijk wat water onder de brug voordat de stap wordt gezet om iemand in de registers op te nemen.

Cindy Steentjes donderdag 24 augustus 2017 16:26

Beste Rob,

Dank voor je reactie.

1) De betrokkene (degene van wie persoonsgegevens worden verwerkt) heeft recht op mededeling van de opname van zijn/haar persoonsgegevens in het Incidentenregister (zie artikel 9.1 van het Protocol Incidentenwaarschuwingssysteem Financiële Instellingen). Als de deelnemer de informatie niet mededeelt, zal de informatie, zodra een toets heeft geresulteerd in een hit, alsnog aan het licht komen door Veiligheidszaken van de deelnemer.

2) De betrokkene kan de deelnemer verzoeken om een overzicht te geven van alle persoonsgegevens die door de deelnemer zijn verwerkt (zie artikel 9.3 van het Protocol). Wat precies in het overzicht is opgenomen, kun je nalezen in het Protocol Incidentwaarschuwingssysteem Financiële instellingen, dat door de toezichthouder (Autoriteit Persoonsgegevens) is goedgekeurd.

3) Wanneer de betrokkene een klacht heeft over het gebruik van de persoonsgegevens kan hij/zij een tip geven aan de Autoriteit Persoonsgegevens (‘AP’). De AP hoeft deze klacht echter niet in behandeling te nemen. De AP zal beoordelen of voldoende reden is om een onderzoek te starten. Bovendien kan een betrokkene een verzoek tot wijziging, aanvulling of verwijdering indienen bij een deelnemer van het Incidentenregister (zie artikel 9.4 van het Protocol), bijvoorbeeld in het geval de gegevens feitelijk onjuist zijn, voor het doel onvolledig zijn of niet ter zake dienend zijn. Als de deelnemer daar niet op reageert, kan de betrokkene naar de rechter stappen.

4) Er bestaat inderdaad een vermoeden van onschuld, maar concrete aanwijzingen kunnen ertoe leiden dat de feiten voldoende vaststaan en ernstig genoeg zijn om een opname in de registers te rechtvaardigen. In deze zaak oordeelt het hof dat er voldoende concrete feiten en omstandigheden zijn waaruit kan worden afgeleid dat er sprake is van een gegronde verdenking. Dat betekent niet dat elk strafrechtelijk gegeven dat ‘voldoende vaststaat’ voor rechtmatige verwerking in aanmerking komt. Bij de verwerking van strafrechtelijke gegevens wordt een belangenafweging gemaakt tussen, in dit geval, de belangen van de betrokkene en de belangen van financiële instellingen.

Met vriendelijke groet,

Cindy

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.