NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Verwerking van persoonsgegevens: proportionaliteit en subsidiariteit

Verwerking van persoonsgegevens: proportionaliteit en subsidiariteit

Privacy is een belangrijk goed. Iedereen heeft het recht om met rust gelaten te worden. Derden kunnen privacygevoelige informatie niet zomaar verwerken. Elke handeling met betrekking tot de persoonsgegevens is een verwerking. De Wet bescherming persoonsgegevens (hierna: ‘Wbp’) geeft in artikel 8 een limitatieve opsomming van gevallen waarin persoonsgegevens mogen worden verwerkt. Zo kunnen persoonsgegevens bijvoorbeeld worden verwerkt na ondubbelzinnige toestemming van de betrokkene of indien de gegevensverwerking noodzakelijk is voor de uitvoering van een overeenkomst.

 

De Hoge Raad geeft in dit arrest, gewezen op 9 september 2011, aan dat er verschillende beginselen in acht moeten worden genomen voordat kan worden overgaan tot verwerking van persoonsgegevens.

 

Als je een overeenkomst aangaat, dan ben je gebonden aan de voorwaarden. In een kredietovereenkomst zijn voorwaarden opgenomen over de wijze van betaling en de gevolgen bij wanbetaling. Zo kan een kredietverstrekker bij wanbetaling overgaan tot registratie bij de Stichting Bureau Kredietregistratie (hierna: ‘BKR’) in het Centraal Krediet Registratiesysteem (hierna: ‘CKI’). Een dergelijke registratie kan gevolgen hebben voor toekomstige financieringsovereenkomsten.

 

In dit geval is een persoon (hierna: ‘X’) een kredietovereenkomst aangegaan met Santander. X heeft zijn rekeningen niet op tijd betaald waardoor X een betalingsachterstand had van € 20. Dit bedrag is uiteindelijk opgelopen tot een bedrag van ongeveer € 320. Santander heeft X aangemaand, maar X heeft geen gehoor aan de aanmaning gegeven. Santander is vervolgens overgegaan tot registratie bij het BKR. Dit was ook opgenomen in de kredietovereenkomst met X Het Algemeen Reglement voor de deelnemers aan het systeem van de BKR verplichtte Santander om tot registratie over te gaan. Nadat X zijn betalingsverplichtingen is nagekomen, heeft X Santander verzocht om informatie te verschaffen over zijn persoonsgegevens. Santander heeft alle informatie verstrekt. Daaropvolgend heeft X verzet aangetekend, zoals opgenomen in artikel 40 van de Wbp, tegen de registratie in het CKI. Santander heeft het verzet van X niet gehonoreerd.

 

In navolging van het Gerechtshof Amsterdam (nevenzittingsplaats Arnhem) stelt de Hoge Raad vast dat de maatregel van Santander om over te gaan tot registratie van de betalingsachterstand in het CKI niet in verhouding is tot de overtreding van X. Santander had een minder zware maatregel kunnen nemen, die uiteindelijk hetzelfde effect zou hebben gehad. Ook had Santander bij de beoordeling van het verzet van X de feitelijke omstandigheden, zoals de betalingsgedrag en de hoogte van de betalingsachterstand, mee moeten wegen.

 

Hierbij de belangrijkste overwegingen voor de liefhebbers:

 3.3 Bij de beoordeling van de middelen wordt het volgende tot uitgangspunt genomen. 
(a) De Wbp moet worden uitgelegd in overeenstemming met het bepaalde in art. 8 EVRM. Uit de in de conclusie van de Advocaat-Generaal in 3.10 aangehaalde passage uit de memorie van toelichting blijkt dat naar de bedoeling van de wetgever bij elke gegevensverwerking moet zijn voldaan aan de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit. Dit een en ander brengt met zich dat de inbreuk op de belangen van betrokkene niet onevenredig mag zijn in verhouding tot het met de verwerking te dienen doel, en dat dit doel in redelijkheid niet op een andere, voor de betrokkene minder nadelige, wijze kan worden verwerkelijkt. 
(b) Art. 7 Wbp bepaalt - overeenkomstig art. 6 van Richtlijn 95/46/EG - dat persoonsgegevens voor welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden dienen te worden verzameld. Gerechtvaardigd kunnen slechts de doeleinden zijn die worden nagestreefd met gegevensverwerking in een van de in - het mede op art. 7 van Richtlijn 95/46/EG gebaseerde - art. 8 Wbp limitatief opgesomde gevallen. 
(c) Ook als de gegevensverwerking in beginsel is toegestaan op een van de in art. 8 Wbp limitatief opgesomde gronden, blijft de eis gelden dat de verwerking in het concrete geval noodzakelijk moet zijn met het oog op het omschreven doel van de verwerking. De aanwezigheid van een wettelijke rechtvaardigingsgrond maakt derhalve een belangenafweging aan de hand van de hiervoor onder (a) vermelde beginselen niet overbodig. Bij deze afweging moeten de omstandigheden van het geval in aanmerking worden genomen. 
(d) In verband met de praktische hanteerbaarheid van de Wbp is van belang dat van de verwerker slechts een belangenafweging verlangd mag worden aan de hand van de beschikbare gegevens. Als de betrokkene nadere gegevens verschaft, kan dit tot een nieuwe en meer volledige afweging aanleiding geven. 
(e) De door de betrokkene verleende toestemming als bedoeld in art. 8, aanhef en onder a, zal in het algemeen meebrengen dat gegevensverwerking mag plaatsvinden, doch deze ontslaat de verwerker niet zonder meer van de verplichting tot belangenafweging. Als de betrokkene erop wijst, zoals hier het geval is, dat bij een bepaalde verwerking van gegevens met zijn belangen onvoldoende rekening is gehouden, zal de verwerker de afweging alsnog moeten maken op basis van de dan bekende feiten en omstandigheden.

 

3.5.3 Voor zover het onderdeel betoogt dat het oordeel van het hof (ook) onbegrijpelijk is in het licht van de omstandigheid dat kredietregistratie ertoe dient om kredietaanbieders in staat te stellen bij nieuwe kredietaanvragen te beoordelen of de consument kredietwaardig is, is het eveneens tevergeefs voorgesteld. Het oordeel van het hof dat, na afweging van de betrokken belangen, Santander in redelijkheid niet tot een registratie van bijzonderheden bij het BKR had moeten overgaan, of in elk geval na het bij brief van 4 november 2008 geuite bezwaar die registratie alsnog had moeten verwijderen, is tegen de achtergrond van de door het hof genoemde omstandigheden niet onbegrijpelijk: langdurig correct betaalgedrag, een geringe betaalachterstand het direct voldoen van de gehele openstaande vordering nadat deze [verweerder] bekend is geworden.

BRON: rechtspraak.nl en wetten.nl


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.