NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Veroordeling door strafrechter niet vereist voor opname in incidentenregister
  • GEPLAATST OP: 23 juli 2012
  • GEPLAATST DOOR: Anke Verhoeven
  • GEPLAATST IN: Privacy
  • GOOGLE+: Anke Verhoeven

Veroordeling door strafrechter niet vereist voor opname in incidentenregister

Een zware verdenking van een strafbaar feit, zonder dat sprake is van een veroordeling door een strafrechter, kan voldoende zijn voor opname in een incidentenregister, zo oordeelde de rechtbank Den Haag in een recent vonnis.

ING stuitte bij een onderzoek naar fraude met betaalrekeningen via internet (phishing) op mevrouw X. Door de activiteit op haar bankrekening ging ING ervan uit dat X betrokken was bij een concreet fraudegeval. ING stuurde X een brief waarin haar de verdenking werd medegedeeld en werd vermeld dat haar persoonsgegevens voor de duur van 8 jaar in het incidentenregister zouden worden opgenomen. X is het hier niet mee eens en verzoek ING haar gegevens te verwijderen uit het incidentenregister. ING weigert, waarna X een procedure aanhangig maakt.

Zij verzoekt op grond van art. 46 van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) ING te veroordelen om haar persoonsgegevens te verwijderen. Daartoe geeft zij aan dat zij niet betrokken is geweest bij enige vorm van fraude, maar is de fraude gepleegd door een derde die haar pinpas had gestolen.

ING is ten aanzien van de verwerking van persoonsgegevens met betrekking tot het incidentenregister gebonden aan een protocol. Het protocol biedt de mogelijkheid om gegevens over betrokkenheid bij incidenten te registreren voor maximaal 8 jaar. Het protocol is in het verleden door het CBP getoetst en rechtmatig bevonden.

Art. 22 Wbp geeft echter regels voor de verwerking van strafrechtelijke gegevens. Strafrechtelijke gegevens zijn namelijk bijzondere persoonsgegevens waarvan de verwerking slechts bij uitzondering is toegestaan. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat voor opname in een register niet vereist is dat betrokkenheid bij een strafbaar feit in rechte vaststaat. Als maatstaf geldt: “of de vastgestelde gedragingen een zwaardere verdenking dan een redelijk vermoeden van schuld opleveren”

ING beschikt over een lijst met IP-loggings, waaruit blijkt dat op relevante tijdstippen vanaf de eigen computer van X is ingelogd op de internetbankieren-omgeving. Het verhaal van X dat haar pinpas is gestolen is daarmee niet geloofwaardig. Er is, aldus de rechtbank, een voldoende zware verdenking.

Dan volgt nog een belangenafweging. Opname in het incidentenregister heeft namelijk vergaande gevolgen voor X. Financiële dienstverleners kunnen dit register raadplegen en zullen mogelijk weigeren X financiële diensten te leveren. De rechtbank acht echter in zoverre aannemelijk dat X betrokken was bij de fraude, dat haar belang om niet in het incidentenregister opgenomen te worden minder zwaar weegt. Het verzoek wordt afgewezen.  



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.