NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Uitstraling van het beschrijvend karakter op de overige bestanddelen van het merk

Uitstraling van het beschrijvend karakter op de overige bestanddelen van het merk

Vandaag is een leuke Conclusie van Advocaat-Generaal Jääskinen verschenen in de gevoegde zaken met nummers C-90/11 en C-91/11. Het Bundespatentgericht heeft het HvJ EU de volgende prejudiciële vraag gesteld:

“Geldt de weigeringsgrond van artikel 3, lid 1, sub b en/of c, van richtlijn [2008/95] ook voor een woordteken dat wordt gevormd door nevenschikking van een beschrijvende woordcombinatie en een niet-beschrijvende lettercombinatie, wanneer de lettercombinatie door het relevante publiek wordt waargenomen als de afkorting van de beschrijvende woorden daar deze afkorting uit de beginletters van deze woorden bestaat en het merk in zijn geheel daardoor kan worden opgevat als de combinatie van beschrijvende benamingen of afkortingen die elkaars betekenis verduidelijken?”

Het gaat om de volgende twee woordmerken: “MULTI MARKETS FUND MMF” (diensten in klasse 36) en “NAI-DER-NATUR-AKTIEN-INDEX” (diensten in klasse 36). De oplettende lezer ziet direct dat de lettercombinatie (afkorting) wordt gevormd door de eerste letters van de woordcombinatie.

Verhouding beschrijvend karakter en onderscheidend vermogen

De A-G neemt aan dat de lettercombinaties MULTI MARKETS FUND en (DER) NATUR AKTIEN INDEX beschrijvend zijn ten aanzien van de waren en/of diensten waarvoor deze zijn ingeschreven. De lettercombinaties, althans een deel daarvan, worden in Duitsland op grote schaal gebruikt om waren uit de financiële sector te beschrijven.

De lettercombinaties MMF en NAI zijn (afzonderlijk) beschouwd niet beschrijvend. De lettercombinaties hebben in beginsel (een zekere mate van) onderscheidend vermogen. De vraag hoe het relevante publiek het merk in zijn geheel zal percipiëren dient echter te worden beoordeeld met inachtneming van het totaalindruk (en niet aan de hand van de verschillende bestanddelen van het merk afzonderlijk).

De opgeroepen totaalindruk

De A-G is van mening dat het relevante publiek de lettercombinaties (gemakkelijk) als een afkortingen van de eerste letters van de woordcombinaties zal herkennen. Hieraan doet niet af dat in het merk NAI-DER-NATUR-AKTIEN-INDEX verbindingsstreepjes zijn aangelegd of een (beschrijvend) lidwoord is toegevoegd. Ook is de plaats van de lettercombinatie in de merken niet van belang. Bovendien is het lidwoord “DER” ondergeschikt  aan de andere woorden.

Het beschrijvend karakter van de lettercombinaties vloeit volgens de A-G voort uit het merk (in zijn geheel beschouwd). De onderscheidende lettercombinaties verkrijgen een beschrijvende betekenis. Het relevante publiek kent (toevoeging, GR) aan de in se niet-beschrijvende afkorting slechts de beschrijvende inhoud toe die kan worden opgemaakt uit de woordcombinatie waarmee de afkorting in nevenschikking staat, doordat verschillende elementen die elkaars betekenis verduidelijken, in nevenschikking staan. Hieruit volgt dat de lettercombinatie die de beginletters van de woorden van de woordcombinatie herhaalt, slechts ondergeschikt aan de woordcombinatie is, hetgeen tot de conclusie leidt dat het uit deze lettercombinatie bestaande bestanddeel onbelangrijk is in de door dit merk opgeroepen totaalindruk.  Door de beschrijvende woordcombinatie verkrijgt het merk in zijn geheel aldus een beschrijvende betekenis.

Keuze uit weigerings- of nietigheidsgronden artikel 3, lid 1, sub b en/of c, van richtlijn

Artikel 3, lid 1, van richtlijn 2008/95:

Niet ingeschreven worden of, indien ingeschreven, nietig verklaard kunnen worden:

b)       merken die elk onderscheidend vermogen missen;

c)       merken die uitsluitend bestaan uit tekens of benamingen die in de handel kunnen dienen tot aanduiding van soort, hoedanigheid, hoeveelheid, bestemming, waarde, plaats van herkomst of het tijdstip van vervaardiging van de waren of verrichting van de dienst of andere kenmerken van de waren of diensten;

 

De A-G stelt allereerst vast dat sub c niet van toepassing kan zijn, omdat de merken niet uitsluitend bestaan uit beschrijvende tekens en benamingen. Het beschrijvend karakter van de lettercombinaties vloeit immers enkel voert uit de globale beoordeling van het merk.

 

In sub b wordt geen aanvullende voorwaarde gesteld. Nu de A-G al eerder heeft geconcludeerd dat de merken in hun geheel bezien beschrijvend zijn, is het aan de verwijzende rechter om te beoordelen of deze merken nog in staat zijn om de wezenlijke (herkomst) functie uit te kunnen oefenen. De kernvraag hierbij is of de combinatie van beschrijvende elementen en een in se niet-beschrijvend element, dat in de context van het betrokken merk toch beschrijvend is, een indruk kan wekken die ver genoeg verwijderd is van de indruk die uitgaat van de gewone aaneenvoeging van die bestanddelen.

BRON: curia.europa.eu


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.