NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Toepasselijkheid algemene voorwaarden; een klassiek geschil

Toepasselijkheid algemene voorwaarden; een klassiek geschil


Twee bedrijven (a en b) hebben een geschil en steggelen over de vraag of A zijn algemene voorwaarden tijdig ter hand heeft gesteld aan B. A vindt van wel, want  ze zijn meegefaxt bij de opdrachtbevestiging. Daarnaast heeft B de (roze) doorslag van de bon meegekregen toen hij de dag daarna heen deel van de bestelling (tegels) kwam halen, en op die doorslag staan op de achterkant ook de algemene voorwaarden gedrukt. B zegt dat hij de voorwaarden nooit heeft gekregen.  B start een procedure, en is dus de eiser in deze zaak.

A  moet vervolgens bewijs leveren dat de voorwaarden ter hand zijn gesteld. De rechtbank acht niet bewezen dat de voorwaarden per fax zijn meegezonden, maar wel bewezen dat B de voorwaarden alsnog  met de pakbon heeft ontvangen bij het ophalen van een deel van de bestelling.

Dan moet de rechtbank beoordelen of deze terhandstelling tijdig is. De rechtbank gaat er goed voor zitten, en benoemt eerst de relevante bepalingen.

Artikel 6:233 BW bepaalt:
Een beding in algemene voorwaarden is vernietigbaar
a. (…)
b. indien de gebruiker aan de wederpartij niet een redelijke mogelijkheid heeft geboden om van de algemene voorwaarden kennis te nemen.

Artikel 6:234 BW bepaalt:
De gebruiker heeft aan de wederpartij de in artikel 233 onder b bedoelde mogelijkheid geboden, indien hij de algemene voorwaarden voor of bij het sluiten van de overeenkomst aan de wederpartij ter hand heeft gesteld (…).

De rechtbank ziet zich gesteld voor de vraag of daarmee is voldaan aan de eis van artikel 6:234 BW, inhoudende dat de algemene voorwaarden voor of bij het sluiten van de overeenkomst ter hand zijn gesteld. De terhandstelling mag volgens de parlementaire geschiedenis niet ná het tot stand komen van de wilsovereenstemming plaatsvinden, aldus de rechtbank.

Dan overweegt de rechtbank als volgt in het licht van die wilsovereenstemming:

[Eiseres] heeft de tegels telefonisch, op 19 januari 2009, besteld. Direct daarop heeft [gedaagde] een opdrachtbevestiging gefaxt. Daarmee is de overeenkomst naar het oordeel van de rechtbank gesloten. Op de gefaxte opdrachtbevestiging staat een verwijzing naar algemene voorwaarden, die staan afgedrukt op de achterkant, maar die zijn toen niet meegefaxt. Door de verwijzing naar de algemene voorwaarden, zonder dat daar bezwaar tegen is gemaakt, zijn deze van toepassing geworden op de overeenkomst. Ze zijn toen echter nog niet ter hand gesteld.

De dag erna, 20 januari 2009, is de heer [P] van de firma [eiseres] in de zaak van [gedaagde] geweest om vast een krat tegels op te halen. De rechtbank acht voldoende vast staan dat hij toen de opdrachtbon c.q. factuur (die nog bij [gedaagde] was) heeft getekend. Dit wordt door [gedaagde] en [B] verklaard, terwijl [P] (slechts) verklaart dat hij zich dat absoluut niet kan herinneren. Ter zitting is de originele bon met handtekening getoond. [P] heeft verklaard dat deze wel op zijn handtekening lijkt.
[P] heeft vervolgens betaald voor de tegels die hij mee zou nemen. Hij heeft daarbij, zo heeft de rechtbank bewezen geacht, de roze doorslagbon met op de achterkant de algemene voorwaarden, meegekregen.

De algemene voorwaarden zijn aldus niet voor of bij het sluiten van de overeenkomst ter hand gesteld, vindt de rechtbank. Ik heb daar wel wat moeite mee. Als je een pakbon tekent bij afhalen, kan je ook vaststellen dat alsdan de overeenkomst wordt gesloten, en dat is dan wel tijdig. Maar goed, de rechtbank acht het criterium van wilsovereenstemming van doorslaggevende aard, en die zou al over de telefoon hebben plaatsgevonden. Toch ziet de rechtbank een uitweg voor wat betreft de terhandstellingsplicht, de gelding is daarna alsnog aanvaard - zo begrijp ik de redenering:

 "Wanneer de algemene voorwaarden te laat ter hand zijn gesteld, maar de wederpartij na de ontvangst nogmaals hun gelding aanvaardt, is alsnog aan (de ratio van) artikel 6:234 lid 1 juncto 6:233, sub b, BW voldaan en komen de voorwaarden niet meer voor een vernietiging in aanmerking . Dit wordt bevestigd door Rinkes en Hendrikse . Ook bij het “voor of bij” criterium is en redelijke wetstoepassing geboden. Zij stellen dat er in dat geval sprake is van een aanvulling van de overeenkomst met wederzijds goedvinden. In zoverre is er volgens hen dus sprake van terhandstelling “voor of bij” het sluiten van de “aanvullende” overeenkomst.

Toegepast op deze zaak oordeelt de rechtbank dat [eiseres], door het ondertekenen van de opdrachtbevestiging op 20 januari 2009, de gelding van de algemene voorwaarden nogmaals heeft aanvaard. De algemene voorwaarden waren op 19 januari 2009 al van toepassing verklaard en op 20 januari 2009, dus de volgende dag, nogmaals aanvaard door het ondertekenen van de opdrachtbevestiging. Bij die gelegenheid zijn de algemene voorwaarden ter hand gesteld. Door het zeer korte tijdsverloop ligt het temeer voor de hand aan te nemen dat het op 20 januari 2009 ter hand stellen van de algemene voorwaarden terugslaat op, c.q. ook omvat, de op 19 januari 2009 gesloten overeenkomst. In de woorden van Rinkes en Hendrikse: er is sprake van een aanvulling op de overeenkomst met wederzijds goedvinden, en in zoverre dus van terhandstelling “voor of bij” het sluiten van de “aanvullende” overeenkomst.
De rechtbank neemt ook in aanmerking dat ook [eiseres] een rechtspersoon is (een bouwbedrijf) en ook zelf gebruik maakt van algemene voorwaarden. [Eiseres] kon en moest er dus op bedacht zijn dat algemene voorwaarden van toepassing waren en dat daar exoneraties in zouden kunnen staan.
Gelet op het voorgaande is naar het oordeel van de rechtbank voldaan aan de ratio van artikel 6:234, lid 1, juncto artikel 6:233, sub b, BW.
De rechtbank komt tot de slotsom dat [gedaagde] een beroep kan doen op haar algemene voorwaarden. "

Lees hier de uitspraak.

 

 

BRON: rechtspraak.nl


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.