NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Terhandstelling algemene voorwaarden: Hoge Raad fluit Hof terug

Terhandstelling algemene voorwaarden: Hoge Raad fluit Hof terug


Rechtspraak.nl heeft recent een uitspraak van de Hoge Raad gepubliceerd, waarin de Hoge Raad het Hof Den Bosch op de vingers tikt in een zaak over de toepasselijkheid van algemene voorwaarden.

De rechtsvraag draait meer in het bijzonder om de vraag of de algemene voorwaarden ter hand zijn gesteld.

Het Hof beantwoordt die vraag positief in de volgende overweging:
"(...) In dit verband stelt [verweerder] het volgende. In de opdrachtbevestiging zijn op de laatste pagina de algemene voorwaarden als integraal onderdeel van de overeenkomst van toepassing verklaard. Deze algemene voorwaarden waren op de achterzijde van het voorblad bij de opdrachtbevestiging afgedrukt en met de opdrachtbevestiging aan de Stichting ter hand gesteld. Nu op de comparitie van partijen namens de Stichting is erkend dat de algemene voorwaarden waren gedrukt op de achterzijde van de opdrachtbevestiging, kan dit als vaststaand worden aangenomen. Daar bovendien als onbetwist door de Stichting vaststaat dat deze algemene voorwaarden aan haar ter hand zijn gesteld, gaat het hof ervan uit dat de algemene voorwaarden van [verweerder] op de onderhavige overeenkomst van toepassing zijn."

Het middel bij de Hoge Raad klaagt dat het hiervoor weergegeven oordeel van het hof berust op een onbegrijpelijke lezing van de gedingstukken. De Hoge Raad gaat hierin mee. Blijkens de gedingstukken is het volgende verklaard:
"Er staan inderdaad geen algemene voorwaarden op de achterzijde van de onderhavige opdrachtbevestiging vermeld. De opdrachtbevestiging die ik heb overgelegd is van een jaar daarvoor. Op de achterzijde van die opdrachtbevestiging staan de algemene voorwaarden wel."
en
"De algemene voorwaarden zijn niet ter hand zijn gesteld voor of bij het sluiten van de overeenkomst. (...) [De raadsman van [verweerder]] toont mij een briefpapier van 2006, met onderin een verwijzing naar IFN Finance BV, en ik constateer dat daar wel de algemene voorwaarden op de achterzijde afgedrukt staan."

De Hoge Raad overweegt dat in het licht van deze verklaring, het oordeel van het hof - namelijk dat als vaststaand kan worden aangenomen dat de algemene voorwaarden waren gedrukt op de achterzijde van de opdrachtbevestiging van 2007 - onbegrijpelijk is. De Hoge Raad verwijst.

Interessant is trouwens nog dat de AG in zijn conclusie wijst op de variant van een bestendige relatie (lees: de andere partij kan geacht worden bekend te zijn met de inhoud van de voorwaarden), want mogelijk zijn de voorwaarden wel eerder al terhand gesteld. Ik volsta met het opnemen van het volgende citaat:
"2.10 In rov. 3.4 van zijn arrest van 1 oktober 1999((4)) overweegt de Hoge Raad ter zake van het ter handstellen als bedoeld in artikel 6:234 lid 1, sub a (oud) BW onder meer:
"Een redelijke en op de praktijk afgestemde uitleg van art. 6:234 lid 1 brengt evenwel mee dat aan de strekking van die bepaling vervatte regeling eveneens recht wordt gedaan, indien de wederpartij zich tegenover de gebruiker ook niet op de vernietigbaarheid van een beding in algemene voorwaarden kan beroepen, wanneer hij ten tijde van het sluiten van de overeenkomst met dat beding bekend was of geacht kon worden daarmee bekend te zijn. Daarbij valt bijvoorbeeld te denken aan het geval dat regelmatig gelijksoortige overeenkomsten tussen partijen worden gesloten, terwijl de algemene voorwaarden bij het sluiten van de eerste overeenkomst aan de wederpartij ter hand zijn gesteld (...)."
2.11 Indien, zoals hiervoor uiteengezet, kan worden aangenomen dat de in geschil zijnde algemene voorwaarden van [verweerder] al in 2006 ter hand zijn gesteld, dan valt uit de zojuist geciteerde rechtsoverweging van de Hoge Raad af te leiden dat dit ter hand stellen ook gelding heeft voor de in 2007 tussen de Stichting en [verweerder] gesloten overeenkomst. Ook voor wat die overeenkomst betreft kan de Stichting dan nl. geacht worden met die voorwaarden bekend te zijn geweest als gevolg van terhandstelling en dan kan zij niet met succes een beroep doen op de vernietigbaarheid van de gelding van de algemene voorwaarden op de grond dat zij voor of bij het sluiten van de overeenkomst van 2007 zelf niet nog eens ter hand zijn gesteld."


Lees hier het arrest.

 

BRON: rechtspraak.nl


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.