NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Spoedeisend belang in kort geding: blaffende honden (moeten) bijten

Spoedeisend belang in kort geding: blaffende honden (moeten) bijten

Wanneer iemand inbreuk maakt op de IE-rechten van een ander, wil de rechthebbende natuurlijk dat deze inbreuk zo snel mogelijk wordt gestaakt. Meestal stuurt de rechthebbende, al dan niet via haar advocaat, eerst een sommatiebrief aan de inbreukmaker. Wanneer zo’n sommatiebrief en de eventueel daarop volgende schikkingsonderhandelingen niet tot het gewenste resultaat leiden, wordt vaak een kort gedingprocedure gestart. Via zo’n procedure kan de rechthebbende relatief snel een voorlopig oordeel van de rechter verkrijgen. Afhankelijk van de urgentie van de zaak, kan dat binnen een paar dagen, weken of maanden.

Spoedeisend belang
Voorwaarde voor het starten van een kort geding is dat de eisende partij een ‘spoedeisend belang’ heeft. Dat betekent dat de zaak zo veel haast heeft dat een bodemprocedure niet kan worden afgewacht. Deze spoedeisendheid wordt bij inbreuk op IE-rechten snel aangenomen, omdat een dergelijke inbreuk snel moet stoppen.

Wanneer de rechthebbende na het sturen van een sommatie te lang wacht met het starten van een kort geding procedure, kan zij daarmee haar spoedeisend belang verspelen. De rechthebbende is dan niet-ontvankelijk zijn in haar vorderingen, en kan alleen haar recht halen via een bodemprocedure. In relatief korte tijd hebben diverse kort geding rechters daar uitspraken over gedaan.

Carnavalskleding: 3 jaar gewacht
In een
uitspraak van de rechtbank Den Haag van februari jl. stelde X dat Y met haar carnavalskleding inbreuk maakte op haar auteursrechten. X had Y al in augustus 2011 aangesproken op vermeende auteursrechtinbreuk. Vervolgens gebeurde er een tijd niets en pas 3 jaar later, in december 2014, had X Y wederom aangesproken. Omdat de carnavalskleding van Y niet was veranderd ten opzichte van haar collectie van augustus 2011, oordeelde de kort geding rechter dat X eerder handhavend had moeten optreden. Nu X ruim 3 jaar heeft gewacht, bestaat geen spoedeisend belang (meer) bij de vorderingen van X en is X niet-ontvankelijk.

Aan Zee: 1,5 jaar en nogmaals 6 maanden gewacht
In een andere recente
zaak van mei jl., had Aan Zee Naarzee.com in kort geding gedagvaard wegens handelsnaaminbreuk. Volgens Naarzee.com heeft Aan Zee geen spoedeisend belang, omdat Aan Zee te lang heeft stilgezeten. Aan Zee zou in 2012 of 2013 al op de hoogte zijn van de activiteiten van Naarzee.com en had pas in augustus 2014 een sommatiebrief gestuurd. Vervolgens heeft Aan Zee nog tot maart 2015 (dus meer dan een half jaar) gewacht met het starten van een kort geding.

De Haagse kort geding rechter is met Naarzee.com van oordeel dat Aan Zee onvoldoende voortvarend heeft gehandeld in de handhaving van haar (handelsnaam)rechten. Bovendien had Aan Zee geen omstandigheden naar voren gebracht die maakten dat een bodemprocedure niet kon worden afgewacht, terwijl Naazee.com had aangegeven dat zij veel inspanningen zou moeten verrichten om aan een eventueel verbod te kunnen voldoen. Mede gelet op de belangen van Aan Zee en Naarzee.com, oordeelde de Haagse rechter dat Aan Zee niet-ontvankelijk is in haar vorderingen.

Starterslening: 15 maanden gewacht
In een andere
zaak van mei jl. had SVn op 9 april 2013 een sommatiebrief aan de wederpartij verzonden. Er zijn toen onderhandelingen gevoerd, welke niet tot resultaat hebben geleid. In december 2013 is er voor het laatst contact geweest en SVn heeft pas 15 maanden later een kort geding gestart. Omdat SVn voor het stilzitten geen (plausibele) verklaring heeft gegeven oordeelde de kort geding rechter dat het belang van SVn niet spoedeisend meer is.

Parfumswinkel: 1,5 jaar gewacht
In de uitspraak van 20 augustus jl. heeft Parfumswinkel Parfumswebwinkel op 7 november 2013 gesommeerd iedere inbreuk op haar handelsnaam te staken. De toenmalige advocaat van Parfumswebwinkel heeft op 27 november 2013 aan Parfumswinkel meegedeeld dat zij geen gevolg zal geven aan de sommatie. De tweede sommatie van Parfumswinkel volgde pas op 26 mei 2015.

Parfumswinkel heeft aangegeven dat zij tot mei 2015 heeft gewacht, omdat zij meer bewijs voor daadwerkelijke verwarring wilde verzamelen. Dit achtte de voorzieningenrechter niet steekhoudend, omdat Parfumswinkel al ‘bewijzen’ had en zij de zaak in beginsel ‘op orde’ had. De voorzieningenrechter oordeelde vervolgens dat Parfumswinkel door 1,5 jaar te wachten onvoldoende voortvarend heeft gehandeld en dat zij in die tijd een bodemprocedure had kunnen voeren tegen Parfumswebwinkel.

Tot slot
Wanneer een rechthebbende tijd wacht met het starten van een kort geding, kan zij daarmee haar spoedeisend belang verliezen. Dat betekent uiteraard niet dat de rechthebbende nooit meer spoedeisend belang kan hebben. Afhankelijk van alle omstandigheden van het geval (zoals de belangen van beide partijen en de reden voor de radiostilte) moet worden beoordeeld of de eiser nog spoedeisend belang heeft.



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.