NL EN

Pyrrusoverwinning?

Het winnen van een rechtszaak is mooi, maar voor de cliënt is het voornamelijk van belang dat de wederpartij ook daadwerkelijk doet wat de rechter hem in de uitspraak bevolen heeft.  Indien er over de nakoming van deze bevelen discussie ontstaat tussen partijen, zal de rechter in een executiegeschil moeten beslissen of de uitspraak correct is nagekomen. Een executiegeschil kan tot gevolg hebben dat een eerdere overwinning toch minder waard blijkt te zijn dan gedacht. Dat ondervond ook VGB in het executiegeschil dat eBenefits tegen haar had aangespannen.

 

Executiegeschil

Het executiegeschil, waarin de rechtbank Den Haag op 19 april jl. uitspraak deed, heeft betrekking op de uitvoering van het vonnis van 11 juli 2011. In dit vonnis krijgt eBenefits, op last van een dwangsom, een aantal bevelen opgelegd. De voorzieningenrechter:

 

5.1          Beveelt eBenefits  (…) het verveelvoudigen en openbaarmaken van het computerprogramma EblPro te staken en gestaakt te houden;

5.2          Beveelt eBenefits (…) alle versies van de software te leveren (…) en van die versies zowel de variant in de programmeertaal (broncode) als de variant in de machinetaal (objectcode) te verstrekken (…);

5.3          Beveelt eBenefits om (…) een volledig en door een onafhankelijke registeraccount geaccordeerde (…) geverifieerde schriftelijke opgave te doen (…) van de namen en adressen van alle afnemers van het programma EblPro (…)”

 

VGB is van mening dat eBenefits de drie hierboven vermelde bevelen niet is nagekomen waardoor dwangsommen ter hoogte van EUR 500.000,-- zijn verbeurd. Ter verhaal van deze dwangsommen heeft VGB klanten van eBenefits een brief gezonden en onder deze klanten executoriaal beslag gelegd. eBenefits start vervolgens een executiegeschil en vordert i) staking van de executie, ii) alsmede rectificatie van de verzonden brieven.

 

Inbreuk

De rechter oordeelt allereerst dat uit niets blijkt dat eBenefits de gewraakte software sinds het vonnis van 11 juli 2011 nog aanbiedt. VGB heeft ook geen concrete aanwijzingen aangedragen waaruit het tegendeel zou blijken, behalve de stelling dat VGB eBenefits niet vertrouwt. Het is weinig verrassend dat de rechter deze stelling van VGB passeert.

 

Opgave

Ook de stelling dat eBenefits de verplichting heeft geschonden tot opgave van de namen en adressen van de afnemers van de software, wordt gepasseerd. Dit ondanks het feit dat eBenefits wel een door een registeraccountant geaccordeerde verklaring heeft verstrekt, maar deze geen namen of adressen bevat. eBenefits betoogt dat zij deze niet heeft doordat de software gratis ter beschikking werd gesteld en er geen log files werden bijgehouden. De rechter gaat hierin mee en oordeelt dat eBenefits daarmee “voldoende” aan het bevel heeft voldaan.

 

De rechter verleent eBenefits hier een helpende hand. Het feit dat eBenefits zonder toestemming de software van VGB nota bene gratis ter beschikking heeft gesteld zonder bij te houden wie deze software afneemt, komt hiermee volledig voor risico van VGB. Zeker gezien het feit dat de rechter oordeelt dat het wel aannemelijk is dat er afnemers zijn geweest, had de vordering ook deels toegewezen kunnen worden.

 

Afgifte

Tot slot behandelt de rechter de stelling van VGB dat eBenefits niet heeft voldaan aan het bevel om alle versies van de software in object- en broncode aan te leveren. De door VGB ingeschakelde deskundige oordeelt dat er weliswaar diverse bestanden met broncodes zijn gevonden op de USB stick en dat de pakketten “compleet” lijken, maar voegt daar aan toe dat de software niet makkelijk “aan de praat te krijgen” is. Dit komt doordat er, onder meer, verschillende type databases en verschillende ontwikkelomgevingen zij gebruikt. Bovendien zou de documentatie gebrekkig zijn. Ook een tweede ingeschakelde deskundige van SGOA oordeelt dat de documentatie niet goed bruikbaar is.

 

Voor partijen die dagelijks met software te maken hebben, lijkt het helder dat software vergezeld moet gaan van goede documentatie omdat deze anders niet, althans niet goed, te gebruiken en/of aan te passen is. Dat is ook de reden dat er nationale en internationale normen zijn voor software documentatie. VGB treft echter een rechter die kennelijk minder thuis is in softwareland. Wat documentatie is en waarom documentatie van belang is, is de rechtbank niet duidelijk. De USB-stick bevat de broncode en objectcode van de software en dat is voldoende. Dat de software niet eenvoudig gebruikt kan worden, doet volgens de rechtbank niet ter zake.

 

De rechter legt het bevel tot afgifte, zelfs voor een executiegeschil, wel erg beperkt uit en passeert daarmee gemakkelijk de bevindingen van de deskundigen. Dit had wellicht kunnen worden voorkomen wanneer de vordering tot afgifte (ik ga er even vanuit dat deze gelijk is aan het bevel) specifieker was geformuleerd. In de vordering zou dan opgenomen dat de USB-stick niet alleen de bron- en objectcode dient te bevatten, maar tevens vergezeld moet gaan van deugdelijke en heldere documentatie die VGB in staat stelt de software eenvoudig te gebruiken en/of aan te passen.  

 

Toewijzing

Het bovenstaande leidt er toe dat de vorderingen van VGB worden afgewezen en dat de vordering van eBenefits tot staking van de executie wordt toegewezen. Hoewel VGB er voor heeft gezorgd dat eBenefits de software niet meer mag verhandelen, kan ik me voorstellen dat de klinkende overwinning van 11 juli 2011 na uitspraak in het executiegeschil toch een beetje voelt als een Pyrrusoverwinning.

 

Lees hier het vonnis in het executiegeschil en hier het vonnis van 11 juli 2011.

 

 

 

 

 

 

 

 

BRON: ITenRecht.nl


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.