NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Peter R. de Vries mag programma over huurmoord toch uitzenden

Peter R. de Vries mag programma over huurmoord toch uitzenden

Een maand geleden schreef ik een blog over de uitspraak van de rechtbank Amsterdam over de voorgenomen uitzending van misdaadjournalist Peter R. de Vries, die in zijn programma een reportage over huurmoord wilde uitzenden.

Het ging om het volgende. Twee mannen hadden aan Peter R. de Vries opnamen op een USB-stick te koop aangeboden (voor € 50.000) die door één van hen met een verborgen camera waren gemaakt. De opnamen betreffen een gesprek met een escortbaas die opdracht had gegeven tot het plegen van een moord.
Peter R. de Vries had, op zijn beurt, het gesprek met de twee mannen die hem de opnamen te koop aanboden (eveneens) heimelijk opgenomen. Beide opnamen wilde hij vervolgens gebruiken in zijn programma over huurmoord.

De voorzieningenrechter oordeelde dat de Vries beide opnamen niet mocht uitzenden, omdat een (misdaad)journalist in beginsel geen gestolen informatie mag gebruiken en het algemeen belang in dit geval geen uitzondering op dat beginsel rechtvaardigde. Het vertonen van de beelden – noch de beelden over de huurmoord, noch de beelden over de mogelijke verkoop daarvan –  was naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet noodzakelijk om de kijkers te overtuigen van de besproken misstanden. Volgens de rechter kon worden volstaan met een mededeling van de inhoud van de opnamen betreffende de huurmoord respectievelijk met een geluidsopname van de gevoerde gesprekken over de verkoop.

Peter R. ging tegen de uitspraak in hoger beroep en afgelopen woensdag vernietigde het Hof Amsterdam het bestreden kort geding vonnis. Naar het oordeel van het Hof mag De Vries de betreffende beelden – zij het onder voorwaarden – wel degelijk uitzenden. Anders dan de voorzieningenrechter is het Hof van mening dat De Vries, door kennis te nemen van de opnamen op de USB-stick van de opdracht tot huurmoord, ook kennis had gekregen van een ernstige misstand die uitzending van de beelden rechtvaardigt. Dat hij de beelden niet op rechtmatige wijze had verkregen, doet daar in dit geval niet aan af:

Voorts heeft De Vries door kennis te nemen van de opnamen ook kennis gekregen van een zeer ernstige misstand die rechtvaardigt dat hij daar in een van zijn programma’s aandacht aan besteedt door (delen van) de opnamen te openbaren. Dat alles rechtvaardigt dat hij daarbij de zowel door [ X ] en [ Y ] als door hemzelf op slinkse wijze verkregen- opnamen van de USB-stick gebruikt” (r.o. 2.6.5)

De beelden waaruit blijkt hoe de twee mannen deze opnamen vervolgens te gelde wilde maken, beschouwt het Hof eveneens als een “matter of public interest”. In rake bewoordingen stelt het Hof dat ook die opnamen mogen worden gebruikt in het programma over huurmoord:

“[ X ] en [ Y ] zijn twee jonge mannen die zich aan een hachelijk avontuur hebben gewaagd door opnamen te maken van een gesprek met een (persoon die zich presenteert als) opdrachtgever voor huurmoorden. Zij zijn met die opnamen naar De Vries gegaan, doch wensten nadat De Vries gezegd had slechts een betrekkelijk geringe dagvergoeding te zullen betalen, terug te treden en beroepen zich nu op de bescherming van hun levenssfeer. De Vries c.s. hebben kennis gekregen niet alleen van de zeldzaam laconieke wijze waarop een opdrachtgever spreekt over huurmoorden maar ook van het daarmee verbonden feit dat twee jonge mannen de daarvan niet zonder eigen risico gemaakte beelden tegen betaling wensen te slijten. Niet valt in te zien dat De Vries c.s. deze laatste informatie ook hadden kunnen verkrijgen zonder gebruik te maken van verborgen camera’s. De wijze waarop [ X ] en [ Y ] deze opnamen te gelde wilden maken betreft een ‘matter of public interest’. Het is de taak van de pers in een vrije en democratische samenleving om dit ter kennis van het publiek te brengen.” (r.o. 2.7.2).

Het belang bij het aan de kaak stellen van misstanden – en dus de vrijheid van meningsuiting – prevaleert dus boven het (privacy)belang van de mannen. Dit neemt niet weg dat het Hof wel een aantal voorwaarden aan uitzending van de beelden verbindt om de privacy van de betreffende mannen te beschermen. Zo mogen de mannen niet herkenbaar in beeld komen en mogen evenmin hun werkelijke namen worden genoemd.

Mijns inziens een mooi arrest, dat de juiste balans weet te vinden tussen enerzijds het recht op vrije nieuwsgaring, en anderzijds het belang bij bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

 

BRON: Rechtspraak.nl


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.