NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Ophef over inzet drones voor cameratoezicht terecht?
  • GEPLAATST OP: 26 augustus 2013
  • GEPLAATST DOOR: Anke Verhoeven
  • GEPLAATST IN: Privacy
  • GOOGLE+: Anke Verhoeven

Ophef over inzet drones voor cameratoezicht terecht?

Er was vorige week wat ophef over de plannen van Minister Opstelten om drones in te zetten voor cameratoezicht in de gemeentes. Dit naar aanleiding van een voorstel tot het wijzigen van de Gemeentewet dat ingediend werd. Het is de vraag of die ophef wel terecht is.

 

 

Wat verandert er?

De Gemeentewet bevat al een bevoegdheid voor de burgemeester om cameratoezicht in te stellen op bepaalde openbare plaatsen. De Gemeentewet bevat ten aanzien van die bevoegdheid ook een aantal waarborgen. Zo mogen er alleen camera’s ingezet worden wanneer dat noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de openbare orde en moet de gemeenteraad het besluit om op een bepaalde plek een camera op te hangen goedkeuren.

Het is van belang om deze (bestuurlijke) vorm van cameratoezicht te onderscheiden van het gebruik van camera’s door burgers in bijvoorbeeld winkels (civiel) en het gebruik van camera’s door de politie voor de opsporing van strafbare feiten (straf). Het wetsvoorstel ziet dus alleen op het verruimen van de mogelijkheden van de burgemeester om in zijn gemeente cameratoezicht te gebruiken voor het handhaven van de openbare orde.

Eigenlijk wijzigt het wetsvoorstel maar weinig aan de al bestaande bevoegdheid van de burgemeester. Enige verschil is in feite dat de camera’s niet meer ‘nagelvast’ hoeven te zitten, maar binnen een bepaald gebied steeds verplaatst mogen worden. Het wetsvoorstel zelf noemt daarbij overigens het woord ‘drones’ helemaal niet, evenmin als de memorie van toelichting. Sterker nog, in de memorie van toelichting wordt juist alleen gesproken over mobiele camera’s in die zin dat ze op een aanhangwagen worden geplaatst of dat ze gemakkelijk aan lantaarnpalen kunnen worden bevestigd. Het lijkt er een beetje op dat daarmee is getracht de aandacht niet te zeer op de mogelijke inzet van drones te vestigen.

Hoe zit het nu met die drones?

Over vliegende camera’s wordt verderop in de memorie van toelichting nog wel aangegeven dat dit een zwaarder middel is dan statische of rijdende camera’s. Als het doel van cameratoezicht ook kan worden bereikt met statische camera’s, verbiedt het beginsel van proportionaliteit dan ook de inzet van vliegende camera’s. Ik kan zo snel geen situatie bedenken waarin het absoluut noodzakelijk is om vliegende camera’s in te zetten en niet kan worden volstaan met statische, verplaatsbare of rijdende camera’s. De inzet van drones zal op grond van het wetsvoorstel dus waarschijnlijk beperkt zijn.

Informatieplicht richting de burger

Waar de burgemeester nu nog goedkeuring van de gemeenteraad nodig heeft voor elke plaatsing van een camera, is dat bij mobiele camera’s natuurlijk lastig. In het wetsvoorstel is dan ook opgenomen dat de burgemeester een bepaald gebied dient aan te wijzen waarbinnen mobiele camera’s kunnen worden ingezet. Deze gebiedsbepaling dient ook door de gemeenteraad goedgekeurd te worden. Het feit dat het gaat om flexibele inzet van camera’s in een groter gebied maakt het echter moeilijker om te voldoen aan de verplichting om de burger adequaat te informeren over het feit dat hij mogelijk in de gaten wordt gehouden.

Het informeren van burgers over het cameratoezicht heeft een tweeledig doel. Enerzijds geldt, zoals in de memorie van toelichting wordt genoemd, dat cameratoezicht een belangrijke preventieve werking heeft. De wetenschap dat er gebruik wordt gemaakt van cameratoezicht kan personen ervan weerhouden in de publieke ruimte de orde te verstoren. Omdat het bij flexibel cameratoezicht moeilijker is om de burger te informeren, zal deze preventieve werking mogelijk minder effectief zijn. Anderzijds is het verstrekken van informatie natuurlijk van groot belang in verband met de privacy van burgers. Het plaatsen van borden waarop wordt aangegeven dat in het gebied met flexibele camera’s wordt gewerkt lijkt mij niet in alle gevallen voldoende. Dit hangt af van de omvang van het gebied. Hoe groter het gebied hoe vaker de informatieborden zouden moeten worden herhaald.

Conclusie

Wanneer de burgemeester zich houdt aan de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit zoals opgenomen in de memorie van toelichting zal hij steeds een zo klein mogelijk gebied moeten aanwijzen waarin alleen drones worden ingezet wanneer dat absoluut noodzakelijk is. Als er dan duidelijke borden worden geplaatst met voldoende herhalingen om de burger goed te informeren, dan zie ik niet zo’n probleem met het inzetten van mobiele camera’s.



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

REACTIES (3)

jvdheuvel maandag 26 augustus 2013 18:59

Die laatste alinea alleen al is gewoon ZIEK.

Alexander dinsdag 27 augustus 2013 13:53

De publieke ruimte wordt al genoeg verziekt met borden, lichten, camera's, etc......de regelzucht van de overheid heeft monsterlijke vormen aangenomen, er is geen steeg, geen straat, geen plein meer dat niet ontsiert wordt, daarnaast worden er miljoenen euro's besteed aan de herinrichting en verfraaing van dezelfde publieke ruimte.......welke sukkels bedenken dergelijke tegenstrijdigheden.......

Weijtens donderdag 29 augustus 2013 10:25

Alexander, als deze informatieverstrekkende borden e.d. niet geplaats worden, gaan mensen dáár weer over zeuren. Regels zijn er nu eenmaal om nageleefd te worden. Of wil je een wereld/land zonder regels? Lijkt me een nog slechtere optie dan dit.

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.