NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • 'Natte' handtekening vereist in digitale aanbesteding

'Natte' handtekening vereist in digitale aanbesteding

Vorige week deed de Rechtbank Rotterdam uitspraak in een geschil over de formele eisen bij een aanbesteding. De vraag die voorlag was of sprake is van een ondertekende inschrijving als de inschrijving digitaal wordt ingediend.

De rechtbank neemt als uitgangspunt dat de aanbestedende dienst erop moet kunnen vertrouwen dat de inschrijver instaat voor de inhoud van de inschrijving en voor het volledige bedrag waartoe de inschrijving zal kunnen leiden. Normaal gesproken wordt dit gewaarborgd door middel van een handtekening. In dit geval vereiste de aanbesteding dat sprake was van een ondertekende inschrijving door iemand die bevoegd was om de inschrijver te vertegenwoordigen.

De inschrijver stelt zich op het standpunt dat de inlogprocedure van de digitale aanbestedingsportal voorzien was van een zodanige beveiliging en authentificatie, dat er sprake was van een elektronische handtekening.

Volgens de rechtbank voldoet de inlogprocedure niet aan de vereisten die artikel 3:15a lid 4 BW stelt aan een elektronische handtekening (de handtekening die bestaat uit elektronische gegevens, die zijn vastgehecht aan of logisch geassocieerd zijn met andere elektronische gegevens en die worden gebruikt als middel voor authentificatie). Daarnaast kan de inschrijver niet gelden als ondertekenaar in de zin van artikel 3:15a lid 5 BW (de persoon die geconfigureerde software of hardware gebruikt om de gegevens voor het aanmaken van elektronische handtekeningen te implementeren als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel uu Telecommunicatiewet)  Dit alles ondanks een andersluidend deskundigenoordeel.

Weliswaar kan de aanbestedende dienst er op basis van de inschrijving via een digitale portal van uitgaan dat de inschrijving daadwerkelijk is gedaan door de onderneming die haar indient. Dit betekent echter nog niet dat de inschrijver ook daadwerkelijk instaat voor hetgeen zij heeft aangeboden. Daarvoor is in het handelsverkeer (zowel schriftelijk als digitaal) een handtekening nodig.

De rechtbank komt tot de conclusie dat de aanbestedende dienst de inschrijving terzijde mocht (en moest) leggen, aangezien de vereiste ondertekening ontbrak. Ook in geval van een digitale aanbesteding is dus een zogenaamde ‘natte’ handtekening nodig (gescand), tenzij de mogelijkheid tot het zetten van een elektronische handtekening in de zin van artikel 3:15a lid 5 BW wordt gefaciliteerd.

Lees hier het hele vonnis



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

REACTIE (2)

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.