NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Europees Parlement stemt voor Richtlijn Verweesde Werken

Europees Parlement stemt voor Richtlijn Verweesde Werken

Werken waarvan de rechthebbenden onbekend of onvindbaar zijn – de zogenaamde “verweesde werken” – vormen een wereldwijd obstakel voor de digitalisering van cultureel erfgoed. Er bestaat een grote behoefte om werken met een groot cultureel, maatschappelijk of educatief belang te kunnen digitaliseren. Echter, het feit dat de maker onbekend is neemt niet weg dat de werken nog steeds auteursrechtelijk beschermd zijn. Bibliotheken of andere instellingen die verweesde werken online ter beschikking stellen van het publiek zonder voorafgaande goedkeuring, lopen dus het risico dat zij het auteursrecht schenden.

In de meeste EU-lidstaten bestaat nog geen oplossing voor de problematiek van het inbreukmakende karakter van het gebruik van verweesde werken. Om die reden kwam de Europese Commissie vorig jaar met een voorstel voor een Richtlijn inzake bepaalde toegestane gebruikswijzen van verweesde werken (de Richtlijn Verweesde Werken). De Richtlijn schept een kader waarin het gebruik van verweesde werken wél mogelijk is.

Afgelopen donderdag stemde het Europees parlement met grote meerderheid voor het Richtlijnvoorstel Verweesde Werken, zoals dat in juni 2012 gefinaliseerd is door de Europese Commissie, de Europese Raad en het Europees Parlement.

Uitgangspunt van het Richtlijnvoorstel is een systeem van wederzijdse erkenning van de status van verweesd werk. Als  een zorgvuldige zoektocht door bibliotheken, onderwijsinstellingen, musea, archieven, instituten voor cinematografisch erfgoed en publieke omroeporganisaties heeft plaatsgevonden, kan een werk de status “verweesd” krijgen. Dit “zorgvuldige onderzoek” hoeft slechts plaats te vinden in de lidstaat waar het werk voor het eerst is gepubliceerd. Het werk in kwestie wordt dan in de hele EU als verweesd werk beschouwd. Zodra een werk als “verweesd” is bestempeld, zal het mogelijk worden om deze verweesde werken online en zonder voorafgaande toestemming of goedkeuring beschikbaar te stellen voor culturele en onderwijsdoeleinden. De verweesde status kan worden opgeheven door dat de auteursrechthebbende het werk komt “claimen”. Hij heeft dan ook recht op een billijke vergoeding, met dien verstande dat erfgoedinstellingen onder de richtlijn niet hoeven te vrezen voor extreem hoge schadeclaims.

Alhoewel het richtlijnvoorstel over het algemeen positief ontvangen wordt, wordt daarop ook nog de nodige kritiek geuit. Vorig jaar is de Nederlandse regering een consultatie gestart, waarop onder meer een aantal Nederlandse Erfgoedinstellingen hebben gereageerd. Volgens hen is het Richtlijnvoorstel een stap in de goede richting, maar biedt de richtlijn geen oplossing voor erfgoedinstellingen met omvangrijke collecties. Voor grootschalige digitaliseringsprojecten is een voorafgaande zoektocht per werk immers veelal niet haalbaar. Daarom moet de richtlijn volgens hen collectieve licentiemodellen toestaan waarbij het niet nodig is om alle individuele auteurs op te sporen. Ook het IVIR pleit voor een dergelijk collectief licentiemodel.
Die problemen wordt onder het huidige voorstel niet erkend. Het is te hopen dat dergelijke nuttige en praktische adviezen in de toekomst nog wel worden meegenomen. Hoe dan ook is het Richtlijnvoorstel echter al een belangrijke stap in de goede richting.



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.