NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Contractuele vervaltermijn in aanbestedingsdocumentatie

Contractuele vervaltermijn in aanbestedingsdocumentatie

De rechtbank Den Haag deed onlangs uitspraak in een aanbestedingszaak over de contractuele vervaltermijn. Kort gezegd komt deze uitspraak erop neer dat tussenkomst geen geschikte route is wanneer er in de aanbestedingsdocumentatie een vervaltermijn is opgenomen.

Het betreft een aanbesteding door Rijkswaterstaat betreffende ‘levering, realisatie, implementatie en beheer en onderhoud van een AIS-walinfrastructuur voor de scheepvaart’. Op de aanbesteding is het Boa van toepassing, welk besluit een wettelijke opschortingstermijn bevat. De opschortingstermijn bepaalt dat tussen de voorlopige gunningsbeslissing en het sluiten van de overeenkomst met de winnaar van de aanbesteding ten minste15 dagen moeten zitten.

In de aanbestedingsdocumentatie is bovendien de volgende bepaling opgenomen:

“Indien een inschrijver bezwaren heeft tegen de voorgenomen gunning, dient hij binnen 15 dagen na verzending van het bericht door betekening van een dagvaarding een kort geding aanhangig te hebben gemaakt tegen de voorgenomen gunning. […] Indien niet binnen 15 dagen na verzending van de voorgenomen gunning een kort geding aanhangig is gemaakt, kunnen de gepasseerde inschrijvers geen bezwaren meer maken naar aanleiding van de voorgenomen gunning en hebben zij hun rechten terzake verwerkt.”

 Deze bepaling houdt een vervaltermijn in. De vervaltermijn houdt in dat de afgewezen inschrijver (in dit geval HITT) na die termijn geen bezwaar meer kan maken tegen de voorlopige gunningsbeslissing. Dat is dus wat anders dan de wettelijke opschortingstermijn. De vervaltermijn  is tussen partijen overeengekomen omdat HITT door in te schrijven op de aanbesteding heeft ingestemd met die vervaltermijn.

De vervaltermijn verliep op 4 oktober 2011, terwijl de dagvaarding in de onderhavige procedure op 10 november 2011 is uitgebracht. HITT is daarmee te laat en dus niet-ontvankelijk.

KPN had ook een kort geding aanhangig gemaakt tegen de gunningsbeslissing. Zij was wel op tijd, maar heeft de zaak voor de zitting ingetrokken. HITT had aangegeven te willen tussenkomen in de procedure tussen KPN en de Staat. Dat kan HITT echter niet baten. De rechtbank geeft daarvoor drie redenen:

1) Omdat de zaak is ingetrokken kan van tussenkomst geen sprake meer zijn.

2) Een in de zaak tussen KPN en de Staat ter zitting ingestelde vordering van HITT als tussenkomende partij zou ook buiten de vervaltermijn liggen en dus te laat zijn.

3) een niet-winnende inschrijver dient zelfstandig, dan wel gezamenlijk met één of meer anderen een kortgedingprocedure aanhangig te maken en kan niet meeliften op een door een derde ingestelde procedure.

Om te voorkomen dat de vervaltermijn wordt overschreden, dient de verliezende inschrijver dus zelf een procedure aanhangig maken. Tussenkomst is daarvoor niet voldoende en bovendien riskant omdat de zaak waarin wordt tussengekomen ingetrokken kan worden en de in tussenkomst ingestelde vordering vaak te laat zal zijn.

Lees het hele vonnis hier

BRON: rechtspraak.nl


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

REACTIE (1)

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.