NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Cloudcomputing, faillissement en een viruele schoenendoos met bonnetjes

Cloudcomputing, faillissement en een viruele schoenendoos met bonnetjes

Er is al veel geschreven over het belang van de opdrachtgever om toegang te hebben en te houden tot zijn data bij het gebruikmaken van cloudcomputing. Over het belang van derden, zoals de curator ingeval van een faillissement, om toegang te krijgen tot data die door middel van cloudcomputing zijn verwerkt en opgeslagen, is nog niet of nauwelijks gepubliceerd. Een recente uitspraak (20 maart 2012) van de Voorzieningenrechter te ’s-Hertogenbosch brengt daar wat mij betreft verandering in.

 

Casus

 Op 22 september 2011 is de onderneming, aangeduid als XX, in staat van faillissement verklaard. XX maakte voor haar administratie gebruik van cloudcomputing en had een overeenkomst gesloten met het bedrijf, aangeduid als YY. Na het faillissement van XX heeft YY haar dienstverlening gestaakt. Tengevolge daarvan had de curator geen toegang tot de administratie van XX. YY heeft aangegeven bereid te zijn de dienstverlening te continueren tegen opstartkosten ad EUR 3.000,= en een maandelijkse vergoeding van EUR 1.000,=. De curator heeft daar niet mee ingestemd.

In een kort geding voor de Voorzieningenrechter van ’s-Hertogenbosch vordert de curator op straffe van dwangsommen dat YY de curator onder afgifte van username en password onbelemmerde toegang tot de administratie van XX moet verlenen en dat dit op zodanige leesbare wijze geschiedt dat aan de vereisten van art. 2:10 BW wordt voldaan. Als een soort bezemvordering vordert de curator ook nog dat op diens eerste verzoek alle noodzakelijke medewerking moet worden verleend.

 

Onderbouwing en verweer

Ter onderbouwing van zijn vorderingen stelt de curator dat hij voor een goede afwikkeling van het faillissement inzage dient te hebben in de administratie van XX, op een geordende en leesbare wijze, zonder dat hij daartoe een vergoeding (althans, subsidiair: een vergoeding van meer dan EUR 25,=)  verschuldigd zou zijn. Hij beroept zich in het bijzonder op de artt. 92 en 93a FW.

YY verweert zich door te stellen dat de artt. 92 en 93a FW niet zien op een situatie als de onderhavige, waarbij het gaat om informatie die zich onder derden bevindt die niet in een nauwe relatie met de gefailleerde staan. Voorts geeft YY aan steeds bereid geweest te zijn om toegang tot de administratie te geven, mits zij haar werkzaamheden daarvoor vergoed zou krijgen. Met het ordenen van de administratie zijn aanzienlijke kosten gemoeid, die de curator als boedelschuld zou moeten voldoen.

Uit het vonnis komt het beeld naar voren dat de discussie ter zitting zich met name toespitste of YY kon volstaan met aanlevering van alle data op een harddisk - waarbij door de rechter de vergelijking wordt getrokken met een schoenendoos met bonnetjes – en de curator zelf tot ordening daarvan zou moeten overgaan, of die ordening – kosteloos, zou kunnen afdwingen van YY.

 

De beoordeling

De Voorzieningenrechter stelt voorop dat in de artt. 92 en 93a FW aan de curator een vergaande bevoegdheid is toegekend waar het betreft het verkrijgen van toegang tot de administratie van de gefailleerde. “Daarbij kunnen belangen van derden in het gedrang komen en in sommige gevallen moeten die belangen wijken voor het belang van de curator.”  Hiermee lijkt de curator het verweer van YY dat de artt. 92 en 93a FW niet zien op onderhavige situatie terzijde te stellen, zij het op een nogal ‘kort door de bocht’-manier.

Maar de Voorzieningenrechter vervolgt: “ De bevoegdheid van de curator gaat naar het oordeel van de voorzieningenrechter echter niet zover dat de curator aanspraak kan maken op meer dan de (leesbare) administratieve gegevens (de bekende schoenendoos met bonnetjes) van de gefailleerde. Het is in beginsel de taak van de curator om vervolgens zo nodig orde aan te brengen in die gegevens, Daarvoor kan hij derden inschakelen. Voor die diensten zal hij dan wel moeten betalen.”

En hier keren de kansen ten nadele van de curator. De Voorzieningenrechter gaat mee in het verweer van YY dat voor het inzichtelijk maken van de administratieve data aanzienlijke inspanningen van haar zijde zijn vereist. Dit heeft YY, aldus de Voorzieningenrechter “onweersproken gesteld” (auw…). “Het is niet simpelweg een kwestie van het verstrekken van een inlogcode. Zo moet een nieuwe serveromgeving worden opgezet en moet die omgeving vervolgens ook weer draaiend worden gehouden. Dat daarmee voor [gedaagde] aanzienlijke kosten zijn gemoeid is voldoende aannemelijk. De curator heeft zulks bij gebrek aan wetenschap ook niet betwist” (nogmaals auw…).

De curator verliest de strijd, de vorderingen worden afgewezen en de curator wordt in de proceskosten veroordeeld.

 

Lessons learned?

Ik kan me voorstellen dat YY na deze uitspraak wat harder heeft ingezet op de onderhandelingen met de curator, want op een virtuele schoenendoos met bonnetjes zit de curator schat ik in niet te wachten. Of er hoger beroep is ingesteld is mij niet bekend.

Uit deze uitspraak kunnen wat mij betreft, zij het voorzichtig want het is nu eenmaal heel casuïstisch, een paar conclusies worden getrokken:

-       De bevoegdheid van de curator op grond van art. 92 en 93a FW wordt zeer ruim uitgelegd, dus als cloudprovider kan je er niet vanuit gaan dat jouw medewerking niet onder die bepalingen geschaard wordt;

-       Zaken staan of vallen uiteindelijk altijd  bij de kracht van de betwisting of de kracht van het verweer. Het lijkt uit dit vonnis alsof de curator onvoldoende voorbereid was op de technische argumenten die YY van stal haalde ten aanzien van de inspanningen die zij zich zou moeten getroosten om de administratieve data van XX inzichtelijk te maken. Volgens het vonnis zijn deze door YY gepresenteerde feiten onbetwist gebleven. Als er al hoger beroep wordt ingesteld dan liggen wat mij betreft hier de mogelijkheden voor de curator, want ik vraag me af of het bij een - naar ik aanneem - standaard cloudapplicatie inderdaad zo bewerkelijk is om de gegevens inzichtelijk toegankelijk te maken. Ik zou de curator bij een eventueel hoger beroep dan wel aanraden om een IT specialist in te schakelen, die inzichtelijk kan maken hoe eenvoudig of moeilijk het is orde te scheppen in die virtuele schoenendoos… ;-)

 

Lees hier de hele uitspraak in dit kort geding (LJN:BV9640) zoals gepubliceerd op rechtspraak.nl.

BRON: Rechtspraak.nl


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

REACTIE (1)

JenkinsAndrea zaterdag 15 december 2012 18:58

Make your own life time more simple take the loan and everything you require.

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.