NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Bewijslast in IT-geschil: Overeenkomst? Tekortkoming? Dwaling?

Bewijslast in IT-geschil: Overeenkomst? Tekortkoming? Dwaling?

De rechtbank Rotterdam heeft op 22 december 2010(*) een uitspraak gedaan in de zaak tussen Exact Software Nederland B.V. (“Exact”) tegen De Hypotheekadviseur Centrale Organisatie Nederland B.V. (“Hypotheekadviseur”). Deze twee partijen zijn in geschil over de aankoop van een softwarematig boekhoudpakket door Hypotheekadviseur bij Exact. Na levering blijkt namelijk dat met niet meer dan twee gebruikers tegelijk in de software kan worden gewerkt. Hypotheekadviseur wil met vier gebruikers tegelijk in de software werken. Hypotheekadviseur weigert daarom voor het softwarepakket te betalen. Exact vordert betaling. Op zich betreft het geen wereldschokkende uitspraak, maar het geeft wel goed inzicht  wie in zo’n geval de bewijslast draagt.

Wat is er aan de hand?

Op 16 januari 2008 heeft Exact per e-mail aan Hypotheekadviseur een offerte uitgebracht terzake van de aanschaf van het softwarepakket Ëxact Compact 2003 Factuur”.  In deze e-mail staat onder meer dat het een “mulit-user” versie betreft, en dat “met meerdere gebruikers tegelijkertijd” in de software kan worden gewerkt. Daarvoor kunnen “meerdere gebruikers” worden aangemaakt. In het bijgevoegde orderformulier kan Hypotheekadviseur zelf aangeven met hoeveel extra gebruikers ze tegelijktijd in de software wil werken. Verzocht wordt om de orderbevestiging te ondertekenen, samen met een ondertekende licentie- en onderhoudsregistratiekaart.

Hypotheekadviseur heeft de offerte op dezelfde dag voor akkoord ondertekend en aan Exact geretourneerd. Ook hebben Partijen een licentie- en onderhoudsovereenkomst gesloten en heeft Hypotheekadviseur op 29 januari 2008 de registratiekaart ingevuld en ondertekend. Daarbij heeft Hypotheekadviseur bij “Aantal gebruikers” het aantal “4” ingevuld.

Op 18 januari 2008 heeft Exact de software geleverd. Hypotheekadviseur heeft de software geretourneerd op 27 februari 2008. De reden die Hypotheekadviseur daarvoor aanvoert is dat zij zich misleid voelen omdat tijdens het verkoopproces duidelijk zou zijn aangegeven waar haar behoeften liggen m.b.t. het aantal licenties. Hypotheekadviseur was uitgegaan van 4 gebruikers, terwijl bleek dat ze slechts met 2 gebruikers van het pakket gebruik kon maken. Dat was niet wat ze ervan had verwacht.

Exact heeft drie facturen aan Hypotheekadviseur gestuurd, maar deze zijn onbetaald gebleven. Exact vordert daarom onder meer betaling van de facturen.

Wat zegt de rechter?

De rechter gaat allereerst het verweer van Hypotheekadviseur na: (i) er zou geen overeenkomst tot stand zijn gekomen; (ii) is dat wel het geval, dan is Exact tekortgeschoten in de nakoming daarvan; of anders (iii) er is sprake van dwaling.

(i) T.a.v. het bestaan van de overeenkomst

Hypotheekadviseur stelt dat ze een mondelinge overeenkomst voor 4 personen wilde sluiten, en niet een schirftelijke overeenkomst voor 2 personen. Er zou dus geen sprake van wilsovereenstemming zijn, en dus geen overeenkomst. Exact stelt echter dat de overeenkomst voor akkoord is ondertekend. De rechtbank heeft daarom – al in incident – geoordeeld dat er weldegelijk sprake is van een overeenkomst tussen partijen. “Dat partijen van mening verschillen over de precieze inhoud daarvan, doet daaraan niet af” (r.o. 4.3).

(ii) T.a.v. een Tekortkoming in de nakoming

Voor de beoordeling of er sprake is van een tekortkoming in de nakoming, dient eerst vast te staan wat de overeenkomst tussen partijen inhield. “Kern van het onderhavige geschil is het antwoord op de vraag of overeenstemming bestond over de omstandigheid dat in de door Hypotheekadviseur bestelde en door Exact geleverde software met niet meer dan 2 gebruikers tegelijk kon worden gewerkt. Volgens Exact is dat het geval; Hypotheekadviseur heeft dit betwist” (r.o. 4.4).

De rechtbank oordeelt dat – omdat Exact zich beroept op nakoming van de overeenkomst (lees: betaling van de facturen), en zich dus “op het rechtsgevolg van de door haar gestelde feiten” beroept – op haar de bewijslast rust om de inhoud van de overeenkomst te bewijzen. Exact dient volgens de rechtbank dus te bewijzen dat haar levering (8 administraties voor 2 personen) in overeenstemming is met hetgeen partijen zijn overeengekomen. De rechtbank oordeelt daarbij dat “Een en ander leidt tot de conclusie dat, nu de offerte ten aanzien van het maximum aantal gebruikers dat tegelijk in de software kan werken niet helder is, uit de omstandigheid dat Hypotheekadviseur deze offerte heeft ondertekend niet kan worden afgeleid dat tussen partijen overeenstemming bestond over de aankoop van de in die offerte omschreven software, waarin door niet meer dan 2 personen tegelijkertijd in 8 administraties kan worden gewerkt” (r.o. 4.8.1).

Vervolgens blijkt dat Hypotheekadviseur op 16 januari 2008, voorafgaand aan verzending van de offerte, contact is geweest tussen Exact en Hypotheekadviseur. In dat gesprek is het gebruik van de software door 2 gebruikers aan de orde gesteld en heeft Exact toen aangegeven dat dan het pakket vier keer zou moeten worden aangeschaft, omschreven als “2x4 administraties en 2x voor 2 gebruikers”. De rechtbank oordeelt daarom dat “Een en ander leidt tot de slotsom dat (de inhoud van) de e-mail van 16 januari 2008 in de gegeven omstandigheden het vermoeden rechtvaardigt dat, behoudens tegenbewijs, de stelling van Exact dat tussen partijen overeenstemming bestond over de aanschaf van de in de offerte van 16 januari 2008 omschreven software, waarin met niet meer dan 2 personen tegelijkertijd kon worden gewerkt, juist is. Hypotheekadviseur zal derhalve worden toegelaten tot het leveren van tegenbewijs” (r.o. 4.9). Slaagt Hypotheekadviseur in het leveren van tegenbewijs dan wordt de vordering van Exact afgewezen; slaagt Hypotheekadviseur daar niet in dan wordt het verweer van Hypotheekadviseur verworpen.

(iii) T.a.v. Dwaling

Als Hypotheekadviseur niet slaagt in het leveren van tegenbewijs zal de rechtbank het beroep op dwaling beoordelen. De stelplicht en bewijslast daarvan rust op Hypotheekadviseur (immers, Hypotheekadviseur beroept zich op het rechtsgevolg bij dwaling: vernietiging van de overeenkomst).

De rechtbank beoordeelt het beroep op dwaling in het licht van artikel 6:228 lid 1 onder b BW. “Op grond van deze bepaling is de overeenkomst wegens dwaling vernietigbaar indien Exact in verband met hetgeen zij omtrent de dwaling wist of behoorde te weten, Hypotheekadviseur had behoren in te lichten.” (r.o. 4.12.2). Naar het oordeel van de rechtbank heeft Hypotheekadviseur haar beroep op dwaling voldoende onderbouwd, door te stellen dat zij in het offertetraject, bij monde van [x] aan [z] van Exact heeft aangegeven de software met 4 gebruikers tegelijk te willen gaan gebruiken en dat Exact Hypotheekadviseur daarop niet heeft aangegeven dat in de aan te bieden software met slechts 2 gebruikers tegelijk kon worden gewerkt. Hypotheekadvieur wordt in de gelegenheid gesteld om die stelling te bewijzen.

Dat Hypotheekadviseur bij de registratiekaart heeft aangegeven de software voor 4 gebruikers te willen gebruiken, vormt daar geen bewijs voor. Immers, de registratiekaart is pas verzonden ná totstandkoming van de overeenkomst (29 januari 2008, resp. 18 januari 2008).

Slaagt Hypotheekadviseur in haar bewijs daarvoor, dan geldt dat haar beroep op dwaling slaagt. Slaagt ze daar niet in, dan zal de vordering van Exact worden toegewezen.

Lees hier de volledige uitspraak.

 



* Rb Rotterdam, 22 december 2010, zaaknr/rolnr 326935 / HA ZA 09-755, LJN BO8919



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.