NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Belgian chocolate: een geografische aanduiding?

Belgian chocolate: een geografische aanduiding?

Zeg je België, dan denk je wellicht aan bier en chocolade. Chocolatiers als Pierre Marcolini of Dominique Persoone zijn wereldberoemd en de stad Brugge telt meer chocolatiers dan kantwinkels. En het was de Belg Jean Neuhaus die in 1912 de ‘praline’ bedacht.

 

Belgische chocolatiers zien met lede ogen aan hoe buitenlandse partijen het label ‘Belgian chocolate’ plakken op allerlei chocoladeproducten. Deze verkooptruc schiet chocolademinnend België in het verkeerde keelgat want Belgische chocolade staat voor een unieke kwaliteit.

 

Wat is er dan zo bijzonder aan Belgische chocolade dat zij bescherming zou verdienen? Het geheim zit met name in de samenstelling en de productieplaats van de cacaobonen. Daarnaast moet de Belgische chocolade minimaal veertien procent cacaomassa bevatten en minimaal achttien procent cacaoboter. Er mag hoogstens vijf procent andere plantaardige vetten worden gebruikt. Tot slot moet de productie in België gebeuren.

 

Arikel 22 van het TRIPS-verdrag ligt aan de basis voor bescherming van herkomstaanduidingen. Deze bescherming worden uitgewerkt in de Europese Verordening 1151/2012 (oud 510/2006) die verdergaande bescherming voor geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen biedt voor landbouwproducten en levensmiddelen. Zo kan bescherming worden verzocht als oorsprongsbenaming (BOB) en als geografische aanduiding (BGA) voor producten met een waardevolle herkomst. Het verschil tussen beide is gelegen in de mate van verbondenheid met het geografisch gebied (art. 5 Verordening 1151/2012):

 

Voor de toepassing van deze verordening is „oorsprongsbenaming” een naam die een product aanduidt:

a)      dat afkomstig is uit een bepaalde plaats, een bepaalde streek of, in uitzonderlijke gevallen, een bepaald land;

b)      waarvan de kwaliteit of de kenmerken hoofdzakelijk of uit¬ sluitend zijn toe te schrijven aan de specifieke geografische omgeving met haar eigen door natuur en mens bepaalde factoren, en

c)      waarvan alle productiestadia in het afgebakende geografische gebied plaatsvinden.

 

Voor de toepassing van deze verordening is „geografische aanduiding” een naam die een product aanduidt:

a)      dat afkomstig is uit een bepaalde plaats, een bepaalde streek, of een bepaald land;

b)      waarvan een bepaalde kwaliteit, de faam, of een ander ken¬ merk hoofdzakelijk aan de geografische oorsprong ervan is toe te schrijven, en

c)      waarvan ten minste een van de productiestadia plaatsvindt in het afgebakende geografische gebied.

 

De aanduiding ‘Belgian Chocolate’ zal slechts bescherming verdienen wanneer er een verband bestaat tussen de kenmerken van het product en de geografische oorsprong ervan.  Zoals uit het bovenstaande blijkt kan de reputatie van Belgische chocolade worden toegeschreven aan de geografische oorsprong. Dat chocolade een bijzonder verband heeft met België zal dus aan de hand van feiten moeten worden aangetoond.

 

Soortnamen komen niet voor bescherming in aanmerking. Zou dus worden geoordeeld dat ‘Belgian chocolate’ is verworden tot soortnaam omdat het bijvoorbeeld wijd verspreid is, dan zal deze aanduiding geen bescherming kunnen genieten.

Wanneer een registratieverzoek om ‘Belgian chocolate’ te beschermen door de commissie zou worden ingewilligd, dan geniet deze aanduiding bescherming tegen bijvoorbeeld misbruik of nabootsing of misleidende aanduidingen.



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.