NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Algemeen Dagblad moet rectificeren

Algemeen Dagblad moet rectificeren

Gisteren deed de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam uitspraak in de zaak tussen het Algemeen Dagblad en Cool Cat. Het AD dient op haar website een rectificatie te plaatsen van het artikel van 25 november 2013: “Ploumen zet Cool Cat, Wibra en Prénatal op zwarte lijst.”  Wat was er aan de hand? Op 25 november 2013 heeft het AD op haar website een artikel geplaatst waarin wordt gezegd dat minister Ploumen drie Nederlandse kledingbedrijven, waaronder Cool Cat, publiekelijk te kijk zou hebben gezet. De reden hiervoor zou zijn dat deze bedrijven kleding laten produceren in fabrieken in Bangladesh waar het personeel wordt uitgebuit en de omstandigheden onveilig zijn. De juridische vraag die hier speelt is of dit artikel een onrechtmatige publicatie is of niet. Het AD heeft zich naar eigen zeggen gebaseerd op uitlatingen van de minster en was van mening dat zij de stellingen van de minister mocht overnemen zonder zelf nader uitgebreid onderzoek te doen. Ook geeft het AD aan dat ze Cool Cat om een reactie hebben gevraagd, maar deze niet hebben gekregen. Het AD heeft het enige telefoonnummer dat op de website stond gebeld en een voicemail ingesproken met het verzoek zo snel mogelijk terug te bellen.

 

4. 10       “ De in het geding zijnde artikelen zijn grotendeels gebaseerd op uitlatingen van de Minister. Vast staat dat AD c.s. de publicaties aan haar heeft voorgelegd en dat deze door (de woordvoerder van) de Minister zijn geautoriseerd. Niet gesteld of gebleken is dat de Minister verkeerd geciteerd zou zijn. AD c.s. heeft terecht aangevoerd dat het haar vrij staat uitlatingen van een gezaghebbend ambtenaar/politicus te publiceren en ook dat zij in beginsel op die uitlatingen mag afgaan, waarbij slechts een beperkte onderzoeksplicht geldt. Bovendien waren soortgelijke uitlatingen al eerder in de media verschenen (zie 2.6). Dat neemt niet weg dat wanneer dergelijke uitingen ernstige beschuldigingen bevatten, de zorgvuldigheid zich ertegen kan verzetten dat de journalist deze uitlatingen als vaststaande feiten presenteert, zeker als daarbij geen wederhoor is toegepast. De journalist heeft daarin ook een eigen verantwoordelijkheid.”

 

De voorzieningenrechter vindt het niet onrechtmatig dat het AD gebruikmaakt van de term “zwarte lijst”, ook al heeft de minister deze term niet gebruikt.

 

“ 4.11     De bezwaren van Cool Cat zijn met name gericht op het verband dat wordt gelegd tussen haar onderneming en uitbuiting, onveilige arbeidsomstandigheden en kinderarbeid, alsmede op het gebruik van de term ‘zwarte lijst’. Voor wat betreft dat laatste staat vast dat de Minister Cool Cat heeft geplaatst in een rijtje van ‘foute bedrijven’ die zaken doen met Bangladesh en het Veiligheidsakkoord nog niet hadden getekend. Dat het AD c.s. dit heeft gekwalificeerd als ‘Ploumen plaatst CoolCat op zwarte lijst’ kan tegen die achtergrond niet als onjuist of onrechtmatig worden aangemerkt, ook al heeft de Minister de term ‘zwarte lijst’ zelf niet gebruikt.”

 

De voorzieningenrechter vindt het echter wel onrechtmatig dat de termen “kinderarbeid” en “instortende fabrieken" worden gebruikt, omdat er wordt gesuggereerd dat dit de woorden van de minister zijn terwijl dat niet het geval is.

 

“4. 12     Dit is anders waar het de termen ‘kinderarbeid’ en ‘instortende fabrieken’ betreft. Niet in geschil is dat deze woorden door de Minister in relatie tot Cool Cat niet zijn gebruikt, maar dat deze afkomstig zijn uit de koker van AD c.s. zelf. Door het gebruik van deze termen suggereert AD c.s. op zijn minst dat (al dan niet ook volgens de Minister) kinderarbeid en onveilige situaties voorkomen in de fabrieken waarmee Cool Cat samenwerkt, terwijl dergelijke beschuldigingen geen steun vinden in de thans beschikbare feiten. AD c.s. heeft op dit punt niet alleen onvoldoende afstand genomen van de uitingen van de Minister, maar, integendeel, er zelf een schepje bovenop gedaan. Daarnaast heeft AD c.s. bij het artikel een foto geplaatst van een fabriek in Birma, een land waarmee Cool Cat niets te maken heeft, waarop te zien is dat jonge meisjes in een naaiatelier aan het werk zijn. Dit alles valt onder verantwoordelijkheid van AD c.s. en kan niet op conto van de Minister worden geschreven. Ook als in aanmerking wordt genomen dat koppen van krantenartikelen vaak ongenuanceerder zijn dan de artikelen zelf en dat de toon van het AD in de regel populair van aard is, is het in verband brengen van Cool Cat met kinderarbeid en uitbuiting, zonder dat dat voldoende steun vindt in de feiten, in beginsel onrechtmatig. Daarbij is van belang dat Cool Cat in de aanvankelijke publicatie niet in de gelegenheid is gesteld tot het geven van een weerwoord. Cool Cat heeft terecht gesteld dat enkel het inspreken van een voicemailbericht op de late zondagmiddag daartoe onvoldoende is. Het mag zo zijn dat dit toen het enige telefoonnummer was dat op een website van Cool Cat te vinden was, maar nu het voor AD c.s. uit de contacten met (de woordvoerder van) de Minister duidelijk moet zijn geweest dat in de publicatie ernstige beschuldigingen aan het adres van Cool Cat te verwachten vielen, had het op haar weg gelegen om Cool Cat in een eerder stadium te benaderen ofwel op zijn minst om te onderzoeken hoe aan het geven van wederhoor praktisch invulling kon worden gegeven. Hier heeft AD c.s. steken laten vallen. Weliswaar leidt het niet toepassen van wederhoor als zodanig niet zonder meer tot onrechtmatigheid van de betrokken publicatie, maar het is wel een van de factoren die bij de beoordeling daarvan een rol speelt.”

 

De voorzieningenrechter beslist dat het AD een rectificatie op de website dient te plaatsen bij het artikel van 25 oktober 2013. Voor het artikel dat in de papierenkrant is verschenen hoeft geen rectificatie geplaatst te worden, omdat de publicatie langere tijd is geleden en dat in de papierenkrant de beschuldigen al zijn rechtgetrokken.

 

De afweging die in zulk soort zaken gemaakt dient te worden is het recht van vrijheid van meningsuiting tegen het recht op bescherming van eer of goede naam. Welk belang wanneer de voorkeur krijgt hangt af van de omstandigheden van het geval. De belangen van beide partijen dienen afgewogen te worden en het zwaarstwegende belang zal voorrang krijgen boven het andere belang. 

 

Lees het artikel van 25 november 2013 en de rectificatie hier. Lees de uitspraak hier

Door: Lindy van Oirschot

BRON: ie-forum.nl


PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.